Text Size

Tijdelijke verhuur Leegstandswet

 

Tijdelijke verhuur via de Leegstandswet

In Nederland is de bescherming van huurders goed geregeld.

De huurder ontleent zijn of haar rechten aan het Burgerlijk Wetboek.

Dat houdt in dat het voor de verhuurder in beginsel niet

eenvoudig is om eenzijdig een huurovereenkomst op te zeggen.

De Leegstandwet maakt het wel mogelijk om bepaalde categorie√ęn

woningen en gebouwen tijdelijk te verhuren, waarbij een

aantal dwingendrechtelijke huurbeschermingsbepalingen niet

van toepassing zijn.

 

Korte geschiedenis Leegstandwet

In 1980 werd een ontwerp Leegstandwet ingediend die beoogde ‚Äėmaatschappelijk onaanvaardbare

leegstand van woningen en andere gebouwen krachtig terug te dringen’. Na een groot aantal

amendementen en wijzigingen zou de wet ondermeer voorzien in een verplicht leegstandregister

voor woonruimte in elke gemeente, een verplichting voor eigenaren van woonruimte tot het

melden van leegstand, een strafrechtelijke bescherming tegen kraken, een vergemakkelijking van

het vorderen van het gebruik als woonruimte, en een regeling voor tijdelijke verhuur. Omdat een

verplichte leegstandadministratie te grote administratieve lasten zou opleveren, is een deel van de

wet uiteindelijk niet ingevoerd.

In 1993 zijn verschillende onderdelen van de Leegstandwet in de nieuwe Huisvestingswet opgenomen.